Samenlevingsovereenkomst
& Partnerschapsvoorwaarden
Trouwen zonder speciale regeling
In ons rechtsstelsel is het mogelijk om door middel van
het sluiten van een huwelijk vermogen geruisloos en
belastingvrij gemeenschappelijk te maken. De Nederlandse
wet bepaalt namelijk dat de bezittingen en schulden
van degenen die met elkaar trouwen zonder huwelijkse
voorwaarden te maken samensmelten tot een vermogen
waarin ieder voor de helft gerechtigd is: de wettelijke
of algehele gemeenschap van goederen. Sinds 1 april
2001 kunnen ook personen van hetzelfde geslacht met
elkaar in het huwelijk treden.
Geregistreerd partnerschap
Sinds 1 januari 1998 biedt de wet de mogelijkheid aan
twee personen van hetzelfde of van verschillend geslacht
om hun relatie bij de burgerlijke stand te laten registreren.
Een geregistreerd partnerschap staat vrijwel gelijk met
een huwelijk. Ook de bezittingen en schulden van degenen
die met elkaar een geregistreerd partnerschap aangaan
zonder huwelijkse voorwaarden (die hier partnerschapsvoorwaarden
heten) te maken, vormen dus een vermogen.
Een voorbeeld:
Man en vrouw gaan trouwen. De man heeft op het moment
dat hij trouwt niets anders dan een schuld van euro
10.000,-. Zijn echtgenote heeft geen schulden, maar
een bankrekening met euro 100.000,- . Als man en vrouw
geen huwelijkse voorwaarden maken ontstaat een gemeenschappelijk
vermogen waartoe behoren:
Bezittingen ( de bankrekening van de
vrouw) euro 100.000,-
Schulden ( de schuld van de man euro 10.000,-
Het saldo van dit gezamenlijk vermogen
is euro 90.000,-
Als tussen de echtgenoten echtscheiding
wordt uitgesproken en bezittingen en schulden onveranderd
aanwezig zijn, heeft ieder recht op de helft van dit
gemeenschappelijk vermogen. De man ontvangt dus evenals
de vrouw euro 45.000,-. Uit dit voorbeeld blijkt dat
de man er in financieel opzicht op vooruit is gegaan
en de vrouw achteruit. Zij is meer dan de helft van haar
vermogen kwijtgeraakt omdat zij ook de helft van de schuld
van de man moet dragen. Niet alleen de bezittingen en
schulden die ieder bij het begin van het huwelijk heeft
worden gemeenschappelijk, maar ook vrijwel alle bezittingen
en schulden die ieder tijdens het huwelijk krijgt. Ook
erfenissen en schenkingen die voor of tijdens het huwelijk
worden verkregen behoren tot het gemeenschappelijk vermogen,
al kan de erflater of de schenker wel bepalen dat de
erfenis of schenking niet gemeenschappelijk wordt.
Trouwen op huwelijkse voorwaarden
Willen de aanstaande echtgenoten voorkómen dat
tussen hen de wettelijke gemeenschap van goederen ontstaat,
dan moeten zij vóórdat zij trouwen bij
de notaris een overeenkomst aangaan: een overeenkomst
van huwelijkse voorwaarden. regeling treffen: huwelijkse
voorwaarden maken. Daarbij kan uit diverse mogelijkheden
worden gekozen. Zo kan iedere gemeenschap van goederen
worden uitgesloten en daaraan kan weer een beding worden
verbonden om bij ontbinding van het huwelijk de gezamenlijke
vermogens geheel of gedeeltelijk te delen. De (kandidaat-)notaris
kan U adviseren over de meest geschikte vorm.
Het uitsluiten van iedere gemeenschap
van goederen is vooral van belang wanneer één
van de echtgenoten een zelfstandig beroep of bedrijf
uitoefent of gaat uitoefenen. Daaraan zijn nu eenmaal
financiële risico's verbonden. Als de echtgenoten
bij huwelijkse voorwaarden iedere gemeenschap van goederen
uitsluiten wordt daarmee bereikt dat de schulden van
de echtgenoot die het beroep of bedrijf uitoefent niet
kunnen worden verhaald op de bezittingen of het inkomen
van de andere echtgenoot.
Het maken van huwelijkse voorwaarden
hoeft niet te betekenen dat de ene echtgenoot ook helemaal
niet deelt in de vermogensvooruitgang van de andere echtgenoot.
Vaak maken echtparen de bepaling dat zij jaarlijks samenvoegen
wat ieder van hen van zijn inkomsten heeft overgehouden
en dat zij dat overschot samen delen (het verrekenbeding).
Deze verdeling kan jaarlijks, bijvoorbeeld op een vast
moment, worden uitgevoerd. In de praktijk gebeurt dat
meestal niet. Dat kan tot gevolg hebben dat een echtgenoot
de waarde moet gaan verrekenen van de goederen die hij
uit zijn inkomen heeft betaald.
Ook kan afgesproken worden dat bij het einde van het
huwelijk een verrekend zal worden. Zo kunnen de echtgenoten
afspreken dat bij ontbinding van het huwelijk door echtscheiding
of overlijden afgerekend wordt alsof de echtgenoten in
algehele gemeenschap van goederen waren getrouwd is geweest.
Huwelijkse voorwaarden gelden pas tegenover
anderen, bijvoorbeeld schuldeisers, als zij zijn ingeschreven
in het huwelijksgoederenregister. De notaris die de akte
van huwelijkse heeft opgemaakt draagt zorg voor die inschrijving.
Vóór huwelijk
regelen
De echtgenoten doen er verstandig aan om vóór
het huwelijk na te gaan of zij huwelijkse voorwaarden
zullen maken. Als het huwelijk eenmaal is gesloten kunnen
zij ook nog huwelijkse voorwaarden maken, maar dan is
de algehele gemeenschap van goederen al ontstaan (die
moet dan weer verdeeld worden) en voor het maken van
huwelijkse voorwaarden is toestemming van de rechtbank
vereist. Het kost dan allemaal meer tijd en geld.
Huwelijkse voorwaarden opheffen
Het maken van huwelijkse voorwaarden tijdens het huwelijk
kan ook ten doel hebben om alsnog de algehele gemeenschap
van goederen te laten ontstaan. Dat doet zich nogal
eens voor als de echtgenoten voor het huwelijk huwelijkse
voorwaarden hebben gemaakt waarbij zij iedere gemeenschap
van goederen hebben uitgesloten omdat een van hen een
risicodragend beroep of bedrijf uitoefende. Als de
echtgenoten op leeftijd zijn gekomen en het beroep
of bedrijf na succesvolle uitoefening is gestaakt,
zal het vermogen zich meestal bij de ondernemende echtgenoot
hebben opgehoopt. Als die echtgenoot overlijdt, vererft
zijn hele vermogen naar zijn echtgenote en de kinderen.
De kinderen erven dan meer dan zij zouden hebben geërfd
als de gemeenschap van goederen had bestaan. Dan zou
immers slechts de helft van het vermogen vererfd zijn.
Voor het betalen van successierecht kan dat nogal wat
schelen. De echtgenoten die de uitsluiting van iedere
gemeenschap van goederen ongedaan willen maken moeten
nieuwe huwelijkse voorwaarden maken en daarbij de gemeenschap
van goederen invoeren.
|